Het archeologisch museum
De archeologische collectie van de Universiteit Gent
|
Het museum bezoekenVoorlopig is het museum enkel toegankelijk Godshuizenlaan 2b, 9000 Gent Tel: 09 233 07 72 Fax: 09 233 08 65 E-mail: Website : www.gentsegidsen.be |
In de 19de en vroege 20ste eeuw werden meer en meer objecten toegevoegd aan de collectie, al is het moeilijk alle transacties te achterhalen. Een groot deel van het archief werd immers vernietigd tijdens de Duitse bezetting in de Eerste Wereldoorlog, waardoor enkel twee handgeschreven inventarissen de tand des tijds overleefden. Eén ervan is opgemaakt op 26 september 1835 door toenmalig conservator F. Den Duyts. Het document vermeldt Romeinse en Egyptische bronzen beelden, Romeinse zegels, metalen objecten uit de Bronstijd in Vlaanderen, enkele Nederlandse vondsten, een belangrijke collectie van Romeins aardewerk en glaswerk (veelal uit Duitsland afkomstig), enkele Etruskische potten (bucchero nero), een collectie laat- en postmiddeleeuws aardewerk en enkele objecten uit Java. Het manuscript is weelderig versierd met tekeningen en schetsen van het aanwezige materiaal.
Voor de rest valt weinig te achterhalen over de 19de eeuwse collectie. Transacties bestonden blijkbaar hoofdzakelijk uit openbare verkopen van belangrijke "kabinetten" (Graaf de Renesse-Breidbach, 1836; P.-J. Versturme, 1847). Tegen het eind van de eeuw wordt de verzameling gevoelig uitgebreid door een kleine groep Egyptische antiquiteiten (Collectie Lindqvist, 1895), silex artefacten uit Henegouwen (Collectie Cloquet, juli 1896) en verschillende opgravingsvondsten uit de vroege Bronstijd (Collectie Siret (1897-98)). De broers Henri en Louis Siret waren zeer actief door opgravingen in zuidoost Spanje en de publicatie van hun indrukwekkende werk Les premiers âges du métal dans le sud-est de l'Espagne (Antwerpen, 1887) gaf hen voor eeuwig een plaats in de geschiedenis van de archeologie
Rond de eeuwwisseling naar de 20ste eeuw maakte professor A. De Ceuleneer (1849-1924) een nieuwe inventaris op, maar die is zo goed als zeker onvolledig. Hij maakt opnieuw melding van een kleine hoeveelheid materiaal uit inventaris Den Duyts, en vermeldt ook verschillende nieuwe objecten, waaronder een schitterende collectie Grieks geschilderd aardewerk en een Etruskische bronzen spiegel. Spijtig genoeg werden geen details toegevoegd over de verwerving. Een fotoalbum uit 1904 toont verschillende van de kunstvoorwerpen uit de collectie van toen en is zo de laatste informatiebron vóór de verwoestingen van 1914-1918 (waarbij ook heel wat objecten verloren gingen).
In de 20ste eeuw kunnen we twee hoofdlijnen onderscheiden. In de eerste helft van de eeuw gaat de traditie van het aanwerven van voorwerpen verder, en door giften en veilingen komen heel wat vondsten uit een waaier van sites in België en het buitenland in de collectie terecht. De man achter deze grote culturele activiteit is Joseph Maertens de Noordhout (1872-1941), de eigenlijke conservator onder toezicht van professor De Ceuleneer. Hij was het die zorgde voor de aankoop van het beroemde laat Bronstijd depot van Gent-Port Arthur en delen van de Collectie Moens (1922), die heel wat Vlaamse riviervondsten bevatte. Bovendien is hij de auteur van de eerste (en enige) catalogus van het museum: Catalogue du musée des antiquités de l'Université de Gand (1938).
De tweede helft van de 20ste eeuw kenmerkt zich door een meer fundamenteel wetenschappelijke bijdrage. De Opgravingsdienst van de Universiteit, opgericht door professor S.J. De Laet, start in die periode met het opgraven van sites in Oost- en West-Vlaanderen, een activiteit die tot op de dag van vandaag doorgaat. Ondertussen is een uitgebeid archief van opgravingsvondsten opgebouwd, dat regelmatig voor tentoonstellingen wordt gebruikt.
Locatie
Vroeger was het museum ondergebracht in de gebouwen van het Hoger Instituut voor Kunstgeschiedenis en Oudheidkunde, ontworpen door de beroemde architect Henry van de Velde (1863-1957), als onderdeel van het gebouwencomplex van de universiteit. Nu hebben de verzamelingen een onderdak gevonden in het Pand, een middeleeuws Dominicaner klooster in het oude stadscentrum van Gent.